Resultaten netbeheer Nederland en Duitsland

Onze gastransport- en infrastructuuractiviteiten staan centraal in onze strategie. Wij voeren deze activiteiten zo efficiënt mogelijk uit. Wij zorgen voor een goede werking en de ontwikkeling van het gastransportnet. Dit doen wij door het borgen van de transportzekerheid en het aanbieden van passende diensten aan onze klanten. Veiligheid, betrouwbaarheid, duurzaamheid en kostenbewustzijn staan hierbij voorop.

Resultaten gastransport Nederland

Transportzekerheid
In 2018 hebben we een hoge transportzekerheid gerealiseerd. In Nederland vond één korte onderbreking plaats in de gaslevering, waardoor uiteindelijk circa 2.200 huishoudens tijdelijk geen gas hebben ontvangen. We hebben onderzoek gedaan naar de oorzaken van deze transportonderbreking en geconcludeerd dat de procedures adequaat zijn, maar dat het hier een menselijke fout betrof.

Kleine afname getransporteerd gas
In 2018 is in Nederland 2,2% minder aardgas getransporteerd dan in het vorige jaar. Deze afname is vooral veroorzaakt doordat het transport van hoogcalorisch gas naar het buitenland in de laatste twee maanden van 2018 laag was. Onze klanten hebben 939 TWh (96,1 miljard m3) gas door ons netwerk getransporteerd voor eindgebruikers in binnen- en buitenland. In 2017 was dat 960 TWh (98,2 miljard m3). De gemiddelde temperatuur was in 2018 0,4 °C hoger dan het jaar ervoor, maar omdat er in februari en maart enkele relatief koude perioden waren voor de tijd van het jaar, is het laagcalorisch gastransport gelijk gebleven aan 2017.

Meer kwaliteitsconversie
Om de verminderde productie van het Groningenveld op te vangen is de inzet van onze kwaliteitsconversie toegenomen. Hiermee kunnen we op onze stikstofinstallaties hoogcalorisch gas mengen met stikstof tot een kwaliteit die vergelijkbaar is met het laagcalorische Groningengas. Kwaliteitsconversie draagt op deze manier in toenemende mate bij om aan de vraag naar laagcalorisch gas te voldoen. De hoeveelheid geconverteerd hoogcalorisch gas is in 2018 met ruim 12% gestegen van 25,8 miljard m3 (286 TWh) in 2017 naar 28,9 miljard m3 (324 TWh) in 2018. De hoeveelheid ingezette stikstof is gestegen van 1,85 miljard m3 naar 2,53 miljard m3 in 2018. Hiermee steeg de benuttingsgraad van onze stikstofinstallaties van 64% in 2017 naar 88% in 2018.

Meer buitenlands hoogcalorisch gas en LNG
De hoeveelheid hoogcalorisch gas vanuit buitenlandse bronnen is flink gestegen ten opzichte van 2017. Dat komt omdat er meer hoogcalorisch gas nodig was door een hogere inzet van kwaliteitsconversie en de productie van de hoogcalorische binnenlandse kleine velden is afgenomen. De aanvoer van hoogcalorisch gas uit het buitenland is met 19% gestegen naar 39,3 miljard m3. De LNG-aanvoer is bijna verdrievoudigd naar 2,5 miljard m3.

Pieklevering
Pieklevering is een belangrijke publieke taak van GTS voor de kleinverbruikers in Nederland. Pieklevering is aan de orde als de gemiddelde effectieve etmaaltemperatuur lager is dan – 9,0 °C. GTS zorgt voor alle voorzieningen op het gebied van gasinkoop, flexibiliteitsdiensten en gastransport op het landelijke gastransportnet die nodig zijn om vergunninghouders de pieklevering te laten verzorgen. In 2018 is er op 4 dagen sprake geweest van pieklevering waarbij aan huishoudens 181.635 kWh gas is geleverd.

Fusie GTS en GGS
Gasunie Transport Services B.V. (GTS B.V.) en Gasunie Grid Services B.V. (GGS B.V.) zijn op 2 januari 2018 gefuseerd. GTS blijft de landelijk netbeheerder voor zowel het hoofdtransportnet als het regionale transportnet.

Resultaten gastransport Duitsland

Minder gas getransporteerd
Gasunie
Deutschland heeft over heel 2018 197 TWh gas getransporteerd (2017: 253 TWh). Deze afname wordt voornamelijk veroorzaakt doordat ook afgelopen jaar minder gas uit de Noordzee werd ingevoed. Ook kwam er op verschillende grenspunten, zoals Greifswald, Oude Statenzijl en Emden, minder gas binnen. De Duitse laagcalorische gasmarkt werd namelijk tijdens de zomermaanden bijna volledig voorzien door de binnenlandse productie en de hoogcalorische gasmarkt grotendeels door gas uit Rusland. Per saldo zijn de opbrengsten van de verkoop van transportcapaciteit in 2018 8,4% lager dan gepland. Deze verschillen zullen worden verrekend in toekomstige tarieven.
Er heeft geen transportonderbreking plaatsgevonden in Duitsland.

Getransporteerd gasvolume (in TWh) 2014 2015 2016 2017 2018
Nederland 976  926  971  960  939 
Duitsland 257  244  265  253  197 
Totaal 1 233  1 170  1 236  1 213  1 136 

*exclusief Nord Stream en BBL

Netwerkontwikkelingen in Nederland

Verlaging Groningenproductie
Wij hebben dit jaar, op verzoek van de minister van Economische Zaken en Klimaat, naar aanleiding van de aardbeving bij Zeerijp op 8 januari 2018, een leveringszekerheidsanalyse uitgevoerd, waarin wij hebben gekeken naar de gevolgen voor de leveringszekerheid als de gaswinning in Groningen wordt verlaagd. Aanvullend heeft GTS een scenariostudie uitgevoerd waarin wij de minister hebben geadviseerd hoe de gaswinning in Groningen vanuit het oogpunt van leveringszekerheid zo snel mogelijk omlaag kan worden gebracht tot in eerste instantie 12 miljard kubieke meter (12 bcm) per jaar en daarna naar 0.

Eind maart hebben we in het addendum op ons Netwerk Ontwikkelingsplan 2017 (NOP) drie maatregelen genoemd en één nieuwe studie voorgesteld om de reductie van gas uit het Groningenveld zo snel mogelijk te reduceren tot 12 bcm:

  1. Stikstoffabriek Zuidbroek met een mogelijke reductie van 7 bcm in een koud jaar.
  2. Ombouw industriële grootverbruikers. Dit kan leiden tot een reductie tussen de 2,3 tot 3,5 bcm.
  3. Additionele stikstofinkoop met een besparing tussen de 1 en 1,5 bcm.
  4. Het advies om gezamenlijk met de NAM het vullen van USG Norg met pseudo Groningengas (geconverteerd hoogcalorisch gas) te onderzoeken. 

In november hebben we de Minister een update gegeven van de voortgang van deze en andere geïdentificeerde maatregelen. De maatregelen liggen goed op koers, daardoor kan de Groningenproductie sneller terug dan in maart aangegeven. Door de combinatie van maatregelen levert de ombouw van de industrie na 2022 geen additionele reductie op. Vanwege dit inzicht verwachten wij dat de ombouw van de industrie naar hoogcalorisch gas beperkt kan blijven tot de 9 grootste industriële grootverbruikers.

Stikstoffabriek Zuidbroek
Vlakbij Zuidbroek wordt een nieuwe stikstoffabriek gebouwd, waarmee naar inschatting in een koud jaar 7 miljard m3 geconverteerd hoogcalorisch gas kan worden geproduceerd, dat ter vervanging kan dienen voor het Groningengas. De voorbereiding van de stikstoffabriek liggen op koers om de installatie in het eerste kwartaal van 2022 in bedrijf te kunnen nemen. Als de installatie begin 2022 in bedrijf wordt genomen, maakt het een reductie van ongeveer 7 miljard m3 gas uit het Groningenveld mogelijk, waardoor de doelstelling van de minister om de Groningenproductie te beperken tot maximaal 12 miljard m3 al in 2022 kan worden bereikt  De nut en noodzaak van de bouw van de stikstofinstallatie en het verkrijgen van de benodigde vergunningen wordt via het doorlopen van de Rijkscoördinatieregeling (RCR) gegarandeerd. Eind oktober is de investeringsbeslissing genomen en in december is de bouw van de drie luchtscheidingsinstallaties gegund. Inmiddels is gestart met de eerste voorbereidende bouwwerkzaamheden, zoals de aanleg van de toegangsweg. Wij monitoren nauwgezet de risico’s als gevolg van de protestacties tegen de in directe omgeving te bouwen nieuwe windmolens.

De maximale reductie van Groningen wordt gerealiseerd als de stikstoffabriek het gehele jaar zo maximaal mogelijk wordt ingezet. In de zomer is hiervoor onvoldoende marktvraag waardoor er mogelijkheden zijn om tegen beperkte investeringen de ondergrondse opslag in Norg (van de NAM) te vullen met geconverteerd hoogcalorisch gas in plaats van gas direct uit het Groningenveld. Op basis van de eerste inschattingen heeft dit een effect van maximaal 3 bcm op jaarbasis waardoor een maximale reductie van 10 bcm kan worden gerealiseerd. Deze maatregel zal samen met de NAM verder onderzocht worden.

Ombouw industriële grootverbruikers
Dit jaar is hard gewerkt aan het voorbereiden van maatregelen om de vraag naar Groningengas door de industrie te verlagen. De minister van Economische Zaken en Klimaat heeft de grote industrieën geïnformeerd dat zij snel moeten ombouwen. Wanneer de industrie in dat kader overstapt naar hoogcalorisch gas, dan neemt GTS de hiervoor passende maatregelen om dit te faciliteren.

Wij richten ons bij deze ombouw op de grootverbruikers die meer dan 100 miljoen kubieke meter gas per jaar afnemen. Dit betreft 9 bedrijven met een gezamenlijke vraag van ongeveer 3 miljard m3 per jaar.

De voorbereidingen zijn nu in volle gang om deze projecten in overleg met deze bedrijven uit te voeren en de omschakeling naar hoogcalorisch gas uiterlijk in 2022 gereed te hebben. Sinds oktober is de taak tot het doen van kwaliteitsconversie voor GTS uitgebreid met de wijziging van de gaswet betreffende het minimaliseren van de gaswinning uit Groningen.

Extra inkoop stikstof
Met Linde en Tata hebben wij afgesproken om vanaf begin 2020 80.000 m3/uur extra stikstof in te kopen. Het contract hiervoor wordt in het 1e kwartaal van 2019 gesloten. De huidige inschatting is, rekening houdend met de omvang van de markt, dat dit zal resulteren in een reductie van 2,2 tot 2,5 bcm op de benodigde Groningenproductie.

Om deze extra stikstof weg te kunnen mengen in ons netwerk zal het mengstation Wieringermeer moeten worden uitgebreid en aangepast. De investeringsbeslissing hiervoor is eind dit jaar genomen en verwacht wordt dat de aanpassingen in het eerste kwartaal van 2020 gerealiseerd zullen zijn.

Risico-gebaseerd Assetmanagement
We hebben besloten het assetmanagement verder risico-gebaseerd in te richten. In het kader daarvan hebben we de daarvoor gehanteerde risicomatrix herzien. Risico’s worden per scenario beoordeeld op ernst en frequentie van optreden en afgezet tegen de vier bedrijfswaarden veiligheid (letsel), transportzekerheid (hoeveelheid niet getransporteerde m3 gas, hierin is ook reputatie meegenomen), duurzaamheid (effect op milieu in termen van CO2 equivalenten) en schadebereidheid (schade in €). De matrix heeft de volgende invulling gekregen:

De matrix wordt gebruikt voor de beoordeling van risico’s per scenario op het niveau van een assetcategorie. De verschillende bedrijfswaarden zijn monetair vergelijkbaar gemaakt. Risico reducerende maatregelen worden in principe alleen genomen als de kosten daarvan significant lager zijn dan de contante waarde van het risico dat wordt verminderd of weggenomen.

Grote vervangingsprogramma’s worden jaarlijks geëvalueerd. Daarbij wordt steeds beter inzicht gekregen in de risico’s die gereduceerd worden (o.a. door inspectie van vervangen materialen), maar ook in de kosten die voor die reductie nodig zijn. De programma’s worden naar aanleiding van de bevindingen uit de evaluatie bijgesteld. We zien daardoor in de afgelopen jaren de investeringen binnen ons vervangings- en onderhoudsprogramma sterk afnemen. Verwacht wordt dat de correctieve inspanningen licht zullen stijgen.

Verder optimaliseren vervangingsprogramma
De risico-gebaseerde herziening heeft onder andere geleid tot het besluit om te stoppen met het preventief renoveren van meet- en regelstations en alleen nog de lopende projecten in 2018 af te ronden. Dit besluit is genomen op basis van een onderzoek naar de risico-effectiviteit waarbij de staat van onderdelen die afgelopen jaren zijn vrijgekomen bij vervanging is meegewogen. Deze maatregel leidt tot lagere investeringskosten van circa € 11 miljoen per jaar.

Wij hebben het meerjarig vervangingsprogramma voor afsluiters in 2018 voortgezet. Dit geldt ook voor het onderzoek naar de conditie van de vrijgekomen onderdelen. Op basis van de resultaten van dit onderzoek en de bijbehorende risico beoordeling is het vervangingsprogramma opnieuw naar beneden bijgesteld van 100 per jaar naar gemiddeld 50 locaties per jaar voor de jaren 2019 en 2020. Hiermee wordt een besparing gerealiseerd van circa € 25 miljoen per jaar. Er zal een focus komen te liggen op de alleroudste (meer dan 50 jaar oude) locaties.

Een nieuw besturingssysteem voor ons gastransportnet
Begin juli hebben we een nieuw systeem in gebruik genomen om het gastransportnetwerk te besturen. Met het nieuwe besturingssysteem kunnen we meer dan voorheen de transportstromen accuraat volgen en voorspellen. Hiermee ondersteunt het onze dispatchers in het zo efficiënt mogelijk opereren van het gastransportnetwerk. Met het systeem is een basis gelegd om toekomstige optimalisaties van het netwerk mogelijk te maken. Voorbeelden hiervan zijn het verder integreren van bedrijfsprocessen en het besturen van andere energiestromen. De bouw van het nieuwe systeem was een grootschalige en complexe opgave, waarmee we in 2015 zijn gestart. We zijn er in geslaagd om het besturingssysteem succesvol te implementeren en binnen de geplande tijd en budget op te leveren. 

Integratie extra hogedruknetten per 1 januari 2020
In Zuidwest-Nederland beschikken Enexis en Enduris over een aantal extra hogedruknetten, waaronder de ZEBRA gasleiding. Samen met deze partijen is een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd of deze netten onderdeel konden worden van het landelijk gastransportnet van GTS en het TTF-marktgebied. Uit het onderzoek is gebleken dat een overgang momenteel niet haalbaar is.  

Netwerkontwikkelingen in Duitsland

Alle projecten als gevolg van de Integrated Open Seasons projecten zijn nu voltooid en operationeel. De resterende openstaande punten zullen begin 2019 gereed zijn.

Gasunie Deutschland heeft in 2017 al het verzoek ontvangen voor drie nieuwe netwerkuitbreidingen:

  • een aanvraag voor een LNG-terminal nabij Hamburg, dit project is uitgebreid beschreven in de Resultaten Business Development.
  • een verzoek om de transportcapaciteit naar de Volkswagen energiecentrale in Wolfsburg te verhogen. Het project is goedgekeurd in het netwerkontwikkelingsplan (NEP) 2018. Binnen Gasunie Deutschland wordt nu gewerkt aan de verdere voorbereiding van de investeringsbeslissing binnen Gasunie Deutschland en de nodige documenten om te komen tot goedkeuring van de planning eind 2020.  Dit is nodig om de start van de bouw in 2021 veilig te stellen.
  • een aanvraag voor de injectie van waterstof in de Deudan leiding in Sleeswijk-Holstein.

Het LNG-project en de uitbreiding van de energiecentrale  betekenen – als de projecten doorgang vinden - een aanzienlijke uitbreiding van het bestaande netwerk van Gasunie Deutschland. Beide projecten zijn meegenomen in het lopende nationale plan voor netontwikkeling, het NEP 2018-proces. Hoewel de injectie van waterstof een kleinschalig project is, wordt het gezien als een aansprekend pilotproject dat als voorbeeld kan dienen bij de ontwikkeling van het transporteren van waterstof. Onlangs heeft het Bundesnetzagentur zijn besluit over het NEP2018 gepubliceerd.

In de tweede helft van 2017 heeft Gasunie Deutschland een joint venture overeenkomst afgesloten met  de TSO bedrijven GASCADE, ONTRAS en FLUXYS om de EUGAL-pijpleiding te bouwen en te exploiteren. De deelname in het project betekent een uitbreiding van de transportcapaciteit van Gasunie Deutschland en versterkt de positie van het Gasunie-netwerk in de internationale transitstromen. Het traject staat via aftakkingen in westelijke richting in verbinding met de gasmarkten in Duitsland, Nederland, België en Engeland. Het is de bedoeling dat het eerste deel vanaf 2020 in gebruik genomen wordt en de totale capaciteit beschikbaar is in 2021. In 2018 zijn de bouwwerkzaamheden gestart en het project vordert volgens planning.

Samen met Thyssengas GmbH en TenneT Duitsland heeft Gasunie Deutschland het plan aangekondigd om in het gebied tussen Bunde en Barßel een grote 100 MW power-to-gas installatie te ontwikkelen, te bouwen en te exploiteren. Op dit moment zijn er weinig power-to-gas installaties in bedrijf, en deze zijn bovendien met slechts enkele MW veel minder groot. Doel van de projectpartners is de verdere technische ontwikkeling van grote elektrisch aangedreven gasinstallaties in Duitsland te faciliteren, aangezien deze installaties in de toekomst nodig zullen zijn. De power-to-gas centrale zal de hoogspannings- en hogedruk-TSO-netten met elkaar verbinden en onder een open toegang principe werken.  De volgende stappen in het project zijn het uitvoeren van een technische haalbaarheidsstudie en projectpresentatie op conferenties en bij individuele stakeholders.

Ombouw laagcalorische gasmarkt in Duitsland
Duitsland is gestart met de omschakeling van laagcalorisch gas naar hoogcalorisch gas. Met deze ombouw kan de transportzekerheid gewaarborgd blijven en blijft het gastransportnet optimaal benut. De eerste ombouwprojecten zijn succesvol afgerond. In de eerste helft van 2018 is een gebied ten oosten van Hannover (Großburgwedel – Peine) omgeschakeld naar hoogcalorisch gas. De omschakeling van Bremen is in 2017 begonnen en zal tot 2019 duren.

Naast de al in gang gezette projecten zijn hierop volgende conversieprojecten inmiddels aangekondigd en de bijbehorende overeenkomsten met de aangrenzende netbeheerders gesloten, in lijn met het ambitieuze Duitse netwerkontwikkelingsplan (NEP) en het Implementatie plan (USP).

Ontwikkeling klantenorganisatie

Om onze klanten goed te kunnen blijven bedienen en ook in de toekomst bij de beste TSO’s van Europa te kunnen blijven horen, willen we met onze dienstverlening voorzien in de behoeften van onze klanten, de business van onze klanten ondersteunen en inspelen op ontwikkelingen in de markt. We doen dit door contact te zoeken en het gesprek te voeren met onze klanten. Inzicht in ontwikkelingen in de markt die we van onze klanten en andere stakeholders tijdens diverse contactmomenten ontvangen zijn waardevol voor ons. Hiermee kunnen we onze dienstverlening nog beter af te stemmen op de klantbehoefte. We intensiveren daarom de interactie met marktpartijen. Via onder andere klantendagen en marktconsultaties zoeken wij de dialoog.

Klanttevredenheidsonderzoek
In oktober 2018 hebben wij het tweejaarlijkse klanttevredenheidsonderzoek laten uitvoeren. Hiermee toetsen wij onze prestaties bij onze klanten. GTS wordt gewaardeerd om de professionaliteit en de bereidheid mee te denken met de klant. Hieruit blijkt dat de gesprekken met de markt en ontwikkeling van het producten- en dienstenpakket aan de behoefte van onze klanten beantwoordt.

We zijn er trots op dat de waardering van onze klanten in 2018 nog steeds hoog is. Shippers waarderen GTS met een 8,1 (was 8,0 bij het vorige onderzoek in 2016)  en industriële klanten met een 7,7 (was 7,7 in 2016). Tevens wordt GTS ten opzichte van andere TSO's even goed of beter gewaardeerd. 

Klachtenafhandeling
Voor alle vragen of eventuele klachten kunnen de shippers terecht bij de customerdesk en de industriële klanten bij de industriedesk. Hier worden zij door een team van specialisten geholpen. Hiermee voorziet GTS in een goede bereikbaarheid en gespecialiseerde aanspreekpunten.

De klachten die bij ons binnenkomen proberen wij zo snel mogelijk en naar tevredenheid af te handelen. In 2018 hebben we géén klachten van shippers en van industrieel aangeslotenen ontvangen. In 2017 waren er 2 klachten van shippers en 1 klacht van een industrieel aangeslotene.

Ontwikkelingen in de markt

TTF (gashandelsplaats in Nederland)
De Nederlandse virtuele gashandelsplaats TTF (Title Transfer Facility) kende een goed jaar in 2018. TTF handhaafde zich daarin meer dan uitstekend als de meest toonaangevende liquide gashub van Europa. Dat is onder meer terug te zien in de Tradability Index van ICIS Heren. Deze index is een maat voor het gemak waarmee shippers gas kunnen kopen of ver­kopen. Als enige gashandelsplaats behaalde TTF de maximale score. En dat in kalenderjaar 2018 al voor de 14e keer op rij.

In 2018 is er in Noordwest Europa meer gas verhandeld dan in 2017. TTF droeg daar flink aan bij met een verhandeld jaarvolume van 27.170 TWh. Beduidend meer dan het verhandeld volume in kalenderjaar 2017 (20.962 TWh). In 2018 overtrof TTF zelfs ruimschoots het record uit 2016 van 21.468 TWh. Vergeleken met het volume aan binnenlands gastransport van 370 TWh is het TTF volume ruim 73 keer zo groot. Het fysieke volume dat via TTF door het netwerk van GTS stroomde, het netto TTF-volume, bedroeg in 2018 564 TWh tegen 540 TWh in 2017. Net als in voorgaande jaren is daarmee het fysieke TTF-volume groter dan de Nederlandse gasconsumptie van circa 400 TWh. Zowel partijen in binnen- als buitenland maken bij de invulling van hun gasbehoefte gebruik van TTF. Het maximum actieve aantal TTF-handelaren op een dag is in 2018 opnieuw toegenomen tot 159 (was 151 in 2017).

Op een gashandelsplaats wordt gas hoofdzakelijk verhandeld via twee routes:

  • Over-The-Counter (OTC) of
  • via een gasbeurs.

De OTC-handel nam in 2018 sterk toe: van 15.592 TWh (in 2017) naar 21.250 TWh. Het via gasbeurzen verhandelde TTF-deel groeide van 5.370 TWh naar 5.920 TWh in 2018. Net als in 2017 weer een stijging van 10% ten opzichte van het voorgaande jaar.

TTF bouwde haar voorsprong als grootse gashandelsplaats van Europa daardoor het afgelopen jaar verder uit. In 2018 vond 57% van de Europese gashandel plaats op TTF, tegenover 48% in 2017. Dit bevestigt opnieuw dat de Nederlandse gasmarkt goed functioneert.

Shipper veroorzaakt onbalans
Eind vorig jaar heeft één van de klanten van GTS een hoeveelheid gas onttrokken aan het systeem maar kwam de bijbehorende verplichtingen om te zorgen voor nieuwe invoer niet na. Hierop heeft GTS zelf gas ingekocht, maar de klant heeft de factuur hiervoor (€ 16 miljoen) niet betaald. GTS heeft daarvan aangifte gedaan en de licentie van deze klant ingetrokken. De precieze toedracht wordt onderzocht met externe ondersteuning en er zijn maatregelen genomen om herhaling te voorkomen. Ook zijn er acties in gang gezet om deze schade te verhalen op de veroorzaker.

Duitsland

Gashandelsplaats GASPOOL
In 2018 is het verhandeld volume op de virtuele gashandelsplaats GASPOOL licht toegenomen ten opzichte 2017, met een niveau van 1.724 TWh (2017: 1.565 TWh).

In februari 2018 moest GASPOOL bijna 35% van het volledige laagcalorische gas via balanceringsenergie inkopen; op sommige dagen in maart 2018 bijna 70%. Daarom werd GASPOOL in de respectievelijke periodes een soort single buyer voor laagcalorisch gas. Het koude moment in het eerste kwartaal van 2018 en de toegenomen vraag naar laagcalorische gasbalancering leidde tot een enorme daling van de financiële liquiditeit van de onderneming.
Om voorbereid te zijn op de huidige/aankomende winterperiode heeft GASPOOL een tweetal zaken verhoogd. Aan de ene kant de laagcalorische gasinkoopportefeuille van Flexibiliteitsdiensten en Lange Termijn-Opties en daarnaast de kosten voor balancerings- en conversiediensten. Doel is om over voldoende financiële liquiditeit te beschikken. Daarnaast heeft GASPOOL een adequate kredietlijn bij een bank afgesloten.

Volgende conversieprojecten zijn al aangekondigd en de bijbehorende overeenkomsten met de aangrenzende netbeheerders zijn gesloten in lijn met het ambitieuze Duitse netwerkontwikkelingsplan (NEP) / Implementatie plan (USP).

Ontwikkelingen regulering

Nederland
In Nederland geldt een systeem van omzetregulering, zie hiervoor de beschrijving in het businessmodel.

GTS is door het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) in het gelijk gesteld in haar beroep tegen de oorspronkelijke hoogte van een tweetal parameters in het methodebesluit. Deze parameters zijn het toegestane rendement (WACC) en de jaarlijkse productiviteitsverbetering. Nadat het CBb GTS in het gelijk stelde, heeft de ACM een nieuw methodebesluit genomen. Op basis van dit nieuwe methodebesluit stelt ACM de toegestane inkomsten van GTS in de huidige reguleringsperiode (2017-2021) op een hoger niveau vast. Deze toename in toegestane inkomsten wordt via de toekomstige tarieven in 2020 en 2021 verrekend.   

ACM is inmiddels gestart met de voorbereidingen voor het methodebesluit voor de volgende reguleringsperiode die begint in 2022. Onderdeel van die voorbereidingen is een onderzoek naar de benutting van het gastransportnetwerk en de ontwikkeling van de transporttarieven van GTS in de komende decennia. De uitkomsten van dit onderzoek kunnen worden meegenomen in het volgende methodebesluit. Naar verwachting zal ACM ook in een volgend methodebesluit gebruik maken een vergelijking van de kostenefficiëntie van GTS met die van andere Europese gastransportbedrijven (kostenbenchmark).

Tariefbesluit
Het tarievenbesluit 2020 wordt in mei 2019 gepubliceerd door ACM. Dit tarievenbesluit gaat uit van een hernieuwde tarievenstructuur, waarover ACM in december 2018 een definitief besluit heeft genomen. Deze nieuwe tariefstructuur vloeit voort uit Europese regels die er voor zorgen dat de tariefberekeningen binnen Europa meer op elkaar lijken en transparanter worden. Hierover is eind vorig jaar een sector brede overeenkomst gesloten tussen ACM, GTS en marktpartijen.

Wet voortgang Energietransitie
De Wet VEt is op 1 juli 2018 van kracht gegaan, waarbij ook een groot aantal wetsonderdelen een ingangsdatum van 1 januari 2019 heeft. Voor enkele wetsonderdelen gelden daarnaast overgangsbepalingen tot 1 januari 2020. Belangrijke wijzigingen van wet VEt voor GTS zijn:

  • de aansluitingstaak komt per 2020 weer terug bij GTS (voor nieuwe aangeslotenen moet GTS de volledige aansluiting weer aanleggen);
  • ACM en het ministerie van EZK moeten tweejaarlijks een investeringsplan toetsen dan wel goedkeuren.

Daarnaast beperkt Wet VEt de activiteiten van GTS tot alleen de werkzaamheden die nodig zijn voor een goede uitvoering van haar wettelijke taken. Tegelijkertijd heeft de wet VEt tot doel om ruimte te creëren om via tijdelijke taken additionele activiteiten uit te voeren en om via experimenten ontheffingen voor bepaalde wetsartikelen te verkrijgen.

Duitsland
Aan het eind van het tweede kwartaal van 2016 heeft Gasunie Deutschland bij de Bundesnetzagentur een kostenbasis voor de nieuwe reguleringsperiode 2018-2022 ingediend. Deze bestond uit een kostenraming en 2 voorlopige parameters: Rendement op het eigen vermogen (ROE) en de collectieve efficiencykorting X-gen. Tegen de hoogte van de voorlopige parameters heeft Gasunie Deutschland een klacht ingediend en samen met andere marktpartijen een rechtszaak gestart. 
Aan de hand van een benchmark is door de Duitse toezichthouder de individuele efficiency van de netbeheerders bepaald: de individuele efficiëntie van Gasunie Deutschland is bevestigt op 100%. Het gehele proces voor het bepalen van de toegestane opbrengsten voor de reguleringsperiode 2018-2022 is bijna afgerond. Op 20 juni 2018 heeft Gasunie Deutschland het definitieve besluit van de Bundesnetzagentur ontvangen. De kostenraming is positief beoordeeld en staat vast. De 2 parameters (ROE en X-gen) zijn nog niet definitief vastgesteld. Beide beroepen tegen deze parameters zullen op zijn vroegst in 2019 worden afgerond.

Transparantere transporttarieven
De voorbereidingen op de invoering van een nieuwe tariefstructuur in Duitsland lopen. Dit is een uitwerking van Europese regels die er voor zorgen dat de tariefberekeningen binnen Europa meer op elkaar lijken en transparanter worden. De nieuwe tariefstructuur gaat in vanaf 1 januari 2020. De Duitse toezichthouder Bundesnetzagentur heeft gekozen voor het introduceren van een uniform tarief. Dat betekent dat in heel Duitsland eenzelfde transporttarief wordt betaald om gas het netwerk in te brengen en ook een gelijk transporttarief om gas daaruit te onttrekken. Hierdoor worden de transporttarieven veel transparanter. 

Op 15 oktober 2018 publiceerde het Bondsministerie van Economische Zaken een wetsontwerp met wijzigingen van de incentive-regulering (ARegV). De bepalingen van bovengenoemd ontwerpreferendum zouden wijzigingen aanbrengen in het investeringskader voor gastransmissie netbeheerders. Het betreft in hoofdzaak de beperking van de IMA-goedkeuringen tot één reguleringsperiode, de wijziging van de forfaitaire bedrag van de exploitatiekosten en de verschillende vaststelling voor de fasen voor en na de voltooiing van een project, de aftrek van de eigen gekapitaliseerde uren en eventueel de (gedeeltelijke) retroactieve toepassing van de wijzigingen. Het huidige ontwerp betekent meer bureaucratie, rechtsonzekerheid en leidt tot een aanzienlijke verslechtering van het economisch kader voor komende investeringsprojecten.

Ontwikkelingen in EU

Samenwerken in Europees verband
TSO's werken samen op verschillende gebieden. Doel is het stimuleren van de ontwikkeling van een competitieve, leveringszekere en – steeds meer - duurzame Europese gasmarkt en om de marktliquiditeit te bevorderen. Deze samenwerking vindt onder andere plaats in ENTSOG (European Network of Transmission System Operators for Gas) . Dit is het Europees netwerk van transmissiesysteembeheerders voor gas, waar ook GTS en Gasunie Deutschland lid van zijn. Binnen ENTSOG werken de netbeheerders aan onder andere het opstellen en implementeren van Europese netwerkcodes, het tienjarig netontwikkelingsplan en het bevorderen van transparantie. Op weg naar een betrouwbare en betaalbare CO2-neutrale energievoorziening, ziet ENTSOG dat  de bestaande infrastructuren (zowel gas als elektriciteit) een essentiële brug vormen voor de energietransitie. ENTSOG werkt daarom in het volgende netontwikkelingsplan intensiever samen met ENTSOE (European Network of Transmission System Operators for Electricity) voor het ontwikkelen van gemeenschappelijke scenario’s, die rekening houden met de klimaatdoelstellingen. De power-to-gas technologie zal daarbij een sleutelrol spelen in de koppeling tussen beide infrastructuren.

Met deze hybride aanpak blijven we onze infrastructuur zo goed mogelijk benutten en de waarde ervan behouden in een steeds internationaler wordende energiewereld.

Marktintegratie
Sinds 1 januari 2018 is de BBL-pijpleiding onderdeel van het TTF-marktgebied. Door het opheffen van het interconnectiepunt Julianadorp is er een directe koppeling ontstaan tussen de twee meest liquide hubs van Europa: TTF en NBP. Hierdoor kunnen shippers beter inspelen op arbitragekansen en wordt de liquiditeit op TTF bevorderd. Naar verwachting zal in de tweede helft van 2019 ook fysieke stroom van gas van Engeland naar Nederland mogelijk zijn, als BBL Company haar project Reverse flow heeft afgerond.

Overige grensoverschrijdende samenwerking

Door gastransportdiensten te harmoniseren zijn de drempels voor (internationale) klanten zo laag mogelijk en wordt grensoverschrijdende gashandel bevorderd. Ook in 2018 hebben GTS en Gasunie Deutschland verder gewerkt aan het mede vormgeven van nieuwe Europese netwerkcodes, met name voor tariefstructuren.

Op basis van vrijblijvende verzoeken van shippers zijn extra entrycapaciteit aan de grens tussen Rusland en GASPOOL en extra capaciteit aan de grens tussen GASPOOL en GTS richting Nederland geïdentificeerd. Eerste technische studies zijn uitgevoerd en de resultaten zijn gepubliceerd in het kader van het consultatieproces. De feedback van de shippers en andere marktdeelnemers zal worden geanalyseerd en de respectieve biedingsniveaus voor extra incrementele capaciteit zullen worden aangeboden binnen de aankomende veiling voor jaarlijkse capaciteit.

Verder zijn GTS, Gasunie Deutschland en andere Duitse TSO's in 2017 begonnen met de samenwerking om "Virtual Interconnection Points" (VIP's) aan de Nederlandse Duitse grens te implementeren zoals vastgelegd in de NC CAM. Volgens NC CAM moesten de TSO’s vóór 1 november 2018 VIP's opstellen op grensoverschrijdende punten. Door juridische onzekerheden is de implementatie voor de VIP's aan de Nederlands-Duitse grens echter vertraagd en wordt nu begin 2020 verwacht.

In 2018 heeft Gasunie Deutschland samen met alle andere Duitse TSO's het project opgezet om de huidige twee Duitse marktgebieden te combineren tot slechts één. De samenvoeging van de marktgebieden zal plaatsvinden voor 1 oktober 2021.

Resultaten energietransitie

Het Nederlandse energiebeleid is gericht op het realiseren van een CO2 neutrale energievoorziening in 2050. Vanuit GTS leveren we met onze infrastructuur, onze kennis en ervaring blijvend toegevoegde waarde aan de energievoorziening van de toekomst. We werken met veel partijen samen om duurzame, betaalbare en betrouwbare oplossingen te realiseren. Dit doen we door het ontwikkelen van een lange termijn visie en door het nemen van en bijdragen aan initiatieven.

Groen gas
Het potentieel van groen gas in Nederland is substantieel: minimaal 1 miljard 
m3 in 2023 en 3 miljard m3 in 2030. Met een investering van € 300 miljoen in de gasnetwerken kunnen de netbeheerders in 2030 de invoeding van deze 3 miljard m3 groen gas mogelijk maken. Wij zijn samen met de regionale netbeheerders bereid deze investering te doen. We werken samen aan één groen gas desk en hanteren een gezamenlijk afwegingskader voor het realiseren van de overall beste oplossing voor invoeding. Naast één bestaand punt voor de invoeding van groen gas op ons netwerk realiseren we nu vier nieuwe. Verder nemen we in de zomer van 2019 in Drenthe onze eerste groen gas booster in gebruik, hiermee wordt groen gas vanuit het regionale netwerk in ons landelijke net ingevoed.

Op verzoek van een aantal biogasproducenten onderzoeken we of de GZI leiding van Emmen naar Ommen kan worden ingezet als biogas verzamelleiding. Mogelijk kunnen we dit gas op termijn in Ommen bijmengen tot on-spec gas. Een interessant en efficiënt concept van groen gas invoeding. 

Met 1 bcm groen gas kunnen ruim 2 miljoen woningen met een hybride warmtepomp van warmte worden voorzien. We hebben de uitrol van de hybride warmtepomp gestimuleerd, onder andere door een impuls te geven aan de ontwikkeling van een landelijk opleidingsprogramma duurzame warmtetechnieken voor installateurs. Minister Wiebes heeft in juni het eerste opleidingscentrum in Groningen geopend. Landelijk komen er zeven opleidingscentra, die inmiddels grotendeels zijn gestart.

Waterstof
In november is de 12 kilometer lange waterstofleiding van Gasunie tussen chemiebedrijf Dow Benelux en kunstmestproducent Yara in gebruik genomen. Het is voor het eerst dat een bestaande hoofdtransportleiding geschikt is gemaakt voor het transport van waterstof. In mei 2018 is deze leiding overgedragen van GTS aan Gasunie Waterstof Services B.V. Hiermee zijn de activiteit en de bijbehorende gastransportleiding overgedragen en daarmee buiten het kader van de wettelijke taken van GTS gebracht.

De komende tijd brengen we in kaart wat nodig is om een deel van onze infrastructuur geschikt te maken voor een waterstofnetwerk. Daarnaast onderzoeken we andere opties van transport van duurzame gassen, zoals het bijmengen van waterstof in aardgas.

Integrale infrastructuurverkenning
Infrastructuur speelt een verbindende en faciliterende rol. Het is de sleutel voor een succesvolle en efficiënte energietransitie. Wij hebben samen met TenneT een verkenning gedaan van de ontwikkeling van infrastructuur voor gas en elektriciteit in Nederland en Duitsland in 2050: de Infrastructure Outlook 2050. Voor verschillende scenario’s van het Net van de Toekomst hebben we de consequenties voor de energienetwerken in beeld gebracht. Uit de Verkenning blijkt dat voor een duurzame energievoorziening verdere systeemintegratie tussen het elektriciteit- en gasnet nodig is. Daarbij zal waterstof naar verwachting een essentiële rol vervullen om de toekomstige energievoorziening betrouwbaar en betaalbaar te houden. Als landelijk netbeheerders zoeken we de samenwerking met de andere netbeheerders om periodiek een integrale infrastructuurverkenning uit te voeren.

Bijdrage aan de Sustainable Development Goals

Vanuit ons materiële thema Transportzekerheid dragen wij bij aan de Sustainable Development Goals.

Wij dragen bij aan SDG: Wij dragen bij aan subdoelstelling
  • 7.1 Tegen 2030 universele toegang tot betaalbare, betrouwbare en moderne energiediensten garanderen
Onze activiteiten Resultaten
  • Efficiënt netwerk
  • Netwerk open voor derden, dus voldoende aanbod, marktwerking, betaalbaar
  • Handelsplaats (TTF) ontwikkeld om de liquiditeit tussen vraag en aanbod optimaal op elkaar te laten afstemmen
  • LNG importterminal
  • Duurzaam opgewekt gas met onze infrastructuur transporteren en op te slaan
  • Gas is altijd beschikbaar in huizen en kantoren
  • Infrastructuur is goed onderhouden