Toelichting op de geconsolideerde financiële overzichten

Opmaken en vaststellen van de jaarrekening

De jaarrekening 2018 is opgemaakt door de Raad van Bestuur op 26 februari 2019. De opgemaakte jaarrekening wordt ter vaststelling voorgelegd aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 21 maart 2019.

Aard der bedrijfsactiviteiten

N.V. Nederlandse Gasunie (Gasunie) is een Europees gasinfrastructuurbedrijf. Het netwerk van Gasunie is één van de grootste gastransport-hogedruknetten in Europa en bestaat uit ongeveer 15.500 kilometer pijpleiding in Nederland en Noord-Duitsland, tientallen installaties en ongeveer 1.300 gasontvangstations. De jaarlijkse doorzet van gas bedraagt circa 1.250 TWh (125 miljard m3). Gasunie dient het algemeen belang in de markten waarin ze actief is en streeft ernaar een optimale waarde te creëren voor haar stakeholders. Gasunie biedt transportdiensten aan via haar dochterondernemingen Gasunie Transport Services B.V. in Nederland en Gasunie Deutschland Transport Services GmbH in Duitsland. Daarnaast biedt ze ook andere diensten aan op het gebied van gasinfrastructuur, waaronder gasopslag, LNG-opslag en het certificeren van groen gas via haar dochterbedrijf, Vertogas. Gasunie wil haar infrastructuur en kennis inzetten voor verdere ontwikkeling en integratie van hernieuwbare energiebronnen, en van groen gas in het bijzonder.

De vennootschap is statutair en feitelijk gevestigd te Groningen op Concourslaan 17, ingeschreven onder KvK-nummer 02029700.

Alle op balansdatum uitstaande aandelen worden gehouden door de Staat der Nederlanden.

Uitgangspunten voor de grondslagen

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld op basis van de International Financial Reporting Standards (IFRS) per 31 december 2018 die door de Europese Unie (EU) zijn goedgekeurd en de bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW. IFRS omvat zowel de IFRS-standaarden als de International Accounting Standards, die door de International Accounting Standards Board zijn uitgebracht, en de interpretaties van IFRS- en IAS standaarden, uitgebracht door het IFRS Interpretations Committee (IFRIC) respectievelijk het Standing Interpretations Committee (SIC).

Vanaf boekjaar 2018 zijn de volgende nieuwe standaarden verwerkt:

IFRS 9 Financiële instrumenten
IFRS 9 ziet op de classificatie en waardering van financiële instrumenten en vervangt (onder andere) IAS 39. In de geconsolideerde jaarrekening is een aantal financiële instrumenten opgenomen die binnen de reikwijdte van IFRS 9 vallen.

Op 1 januari 2018 (de datum van de eerste toepassing van IFRS 9) heeft het management onderzocht welke bedrijfsmodellen van toepassing zijn op de financiële activa die door de groep worden aangehouden en heeft zij haar financiële instrumenten ondergebracht in de relevante IFRS 9-categorieën.

Het betreft voor de activa de volgende posten: investeringen in overige kapitaalbelangen, vorderingen op joint ventures, leningen aan derden en handels- en overige vorderingen. Deze activa worden op geamortiseerde kostprijs gewaardeerd met uitzondering van de investeringen in overige kapitaalbelangen welke tegen reële waarde worden gewaardeerd waarbij waarde mutaties via het eigen vermogen worden verwerkt. Er vindt geen recycling via het resultaat plaats. Invoering van IFRS 9 heeft geen invloed op de waardering van deze financiële instrumenten.

De vennootschap past de zogenaamde 'simplified approach' toe voor het waarderen van de handelsdebiteuren. Hierbij wordt bij eerste waardering van de vordering een voorziening genomen ter dekking van de verwachte kredietverliezen. Deze verwachting wordt gebaseerd op historische betalingsgegevens en de kredietstatus van de debiteur. Voor het bepalen hiervan heeft Gasunie een analyse gemaakt van het gehanteerde kredietbeleid en de oninbaarheid van haar handelsvorderingen in de afgelopen 5 jaar. Dit kredietbeleid omvat onder andere een risico-analyse en kredietlimiet per debiteur waarbij  zekerheden worden gesteld in de vorm van onder andere bankgaranties en security deposits. Ondanks een incident met een shipper in 2018 is de verwachte oninbaarheid van handelsvorderingen uiterst beperkt in frequentie en omvang.  Ook voor de komende 12 maanden wordt - op basis van onder andere de kredietstatus- het kredietrisico per debiteur door Gasunie als zeer laag ingeschat. 

Gegeven de zeer beperkte omvang en de lage frequentie van de afboekingen op handelsvorderingen zijn de toekomstige kredietverliezen te verwaarlozen. Een opslag voor verwachte kredietverliezen (stadium 1) is derhalve niet materieel en niet verwerkt in de jaarrekening. Gasunie blijft het betaalgedrag van haar debiteuren monitoren. Als er voldoende aanwijzingen om te twijfelen aan de oninbaarheid van een vordering wordt een voorziening gevormd (stadium 3).

Ten aanzien van passiva brengt IFRS 9 ten opzichte van IAS 39 alleen wijzigingen met zich mee in de classificatie en waardering van passiva die op reële waarde worden gewaardeerd waarbij het resultaat in de winst- en verliesrekening wordt genomen. De geconsolideerde jaarrekening bevat geen van deze passiva.

Als onderdeel van de IFRS 9 implementatie analyse zijn ook de bestaande cash flow hedges herbeoordeeld. Als gevolg van deze analyse is de cashflow hedge reserve bij Gate terminal B.V. in de geconsolideerde jaarrekening geherclassificeerd van cash flow hedge reserve naar de overige reserve ter hoogte van € 37,0 miljoen negatief (2017: € 39,0 miljoen negatief). Deze herclassificering is verwerkt in de vergelijkende cijfers over 2017. Er is geen invloed op het geconsolideerde totale eigen Vermogen en/of het resultaat.

Tot slot bevat de geconsolideerde jaarrekening één cash flow hedge. Dit betreft de cash flow hedge van N.V.Nederlandse Gasunie gerelateerd aan een tweetal obligatieleningen. De resultaten van deze hedge wordt verwerkt via het Eigen Vermogen (“Fair Value through Other Comprehensive Income”) en worden bij realisatie geherclassificeerd naar de winst- en verliesrekening. Deze verwerkingswijze blijft onder IFRS 9 gehandhaafd.

Samenvattend kan gesteld worden dat de toepassing van IFRS 9 geen wijziging in de waardering van financiële instrumenten van de vennootschap met zich meebrengt.

IFRS 15: omzet uit klantcontracten (inclusief Clarifications to IFRS 15)
IFRS 15 is van kracht per 1 januari 2018 en vervangt IAS 18. De vennootschap heeft de richtlijn volgens de retrospectieve methode geïmplementeerd waarbij gebruik wordt gemaakt van de bepaling om contracten die zijn afgelopen vóór 1 januari 2017 buiten beschouwing te laten.

De vennootschap heeft in het kader van de implementatie van IFRS 15 een analyse gemaakt van haar lopende contracten met afnemers en hierbij aandacht besteed aan de contractvoorwaarden, de tariefstructuren, de looptijd van de contracten en eventuele bijzondere bepalingen. Doel van deze analyse was te bepalen of IFRS 15 invloed heeft op de waardering van haar contracten en of eventuele kortingen, vooruitbetalingen of vooruit geleverde diensten leiden tot nieuwe contractactiva of -passiva.

In het kader van IFRS 15 beschouwt de vennootschap klantbijdragen aan investeringen die gerelateerd zijn aan transportcapaciteit als vooruitbetaling op de transportdienst. Deze bijdragen worden als contractverplichting gewaardeerd op de balans en vallen over de levensduur van het bijbehorende actief vrij in de omzet. Dit heeft geleid tot een aanpassing voor twee bijdragen.

Implementatie van IFRS 15 leidt niet tot een aanpassing in de waardering of verwerking van de reguliere transport- en opslagcontracten. Wel zijn er voor langlopende contracten die vóór 1 januari 2018 zijn aangegaan drie contractbepalingen geïndentificeerd die hebben geleid tot een aanpassing van de openingsbalans op 1 januari 2018. Daarnaast is een reeds bestaande contractverplichting opnieuw beoordeeld en geherclassificeerd van kortlopende naar langlopende verplichtingen. De invloed op de openingsbalans op 1 januari 2018 respectievelijk 2017 is in onderstaande tabel weergegeven.

In miljoenen euro's 31 dec. 2017 Retrospectieve toepassing IFRS 15 1 jan. 2018  
       
Materiele vaste activa 8 499,9 18,2 8 518,1
Totaal wijziging activa   18,2  
       
Eigen vermogen (Overige reserves) 5 782,3 ‑9,6 5 772,7
Langlopende contractverplichting - 47,2 47,2
Kortlopende contractverplichting - 3,8 3,8
Handelsschulden en overige te betalen posten 276,0 ‑23,2 252,8
Totaal wijziging passiva   18,2  

In miljoenen euro's 31 dec. 2016 Retrospectieve toepassing IFRS 15 1 jan. 2017
       
Materiele vaste activa 8 665,3 18,6 8 683,9
Totaal wijziging activa   18,6  
       
Eigen vermogen (Overige reserves) 5 601,9 ‑7,2 5 594,6
Langlopende contractverplichting - 48,6 48,6
Kortlopende contractverplichting - 3,7 3,7
Handelsschulden en overige te betalen posten 280,4 ‑26,5 253,9
Totaal wijziging passiva   18,6  

De invloed van de implementatie op het resultaat na belastingen bedraagt ca. € 2 miljoen nadelig over 2017 en 2018.

IFRS 15 brengt een aantal aanvullende toelichtingen met zich mee op het gebied van opdeling van de omzet, contractverplichtingen, nog te leveren diensten en inschattingen van het management. Deze toelichting is opgenomen onder 'Grondslagen van waardering en resultaatbepaling' en in noot 21.

IFRS 16 Leases
IFRS 16 Leases wordt vanaf het boekjaar 2019 effectief. Gasunie zal deze standaard via de zogenaamde 'modified retrospective approach' implementeren waarbij de resterende leaseverplichtingen gedisconteerd tegen de incrementele rentevoet als verplichting op de balans worden gepresenteerd. De vergelijkende cijfers over voorgaande boekjaren worden hierbij niet aangepast. Het actief of het gebruiksrecht dat met de lease is verbonden zal tegen dezelfde waarde aan de actiefzijde worden gepresenteerd.

De lease contracten die onder het bereik van IFRS 16 vallen betreffen met name bedrijfswagens, terreinen en het gebruik van specifieke activa voor de levering van stikstof. De vennootschap heeft onderzocht in hoeverre IFRS 16 materiële invloed zal hebben op het eigen vermogen en resultaat van de vennootschap in de periode van eerste toepassing en in hoeverre dit zal leiden tot additionele toelichtingen. Bij de inventarisatie heeft de vennootschap activa met een lage waarde en contracten met een looptijd korter dan één jaar buiten beschouwing gelaten.

Er is geen materiele invloed op het eigen vermogen en resultaat van de vennootschap. Wel zal er een verschuiving van bedrijfslasten naar rente- en afschrijvingslasten plaatsvinden ter hoogte van ca. 15 mln. Daarnaast zullen zowel de materiële vaste activa als de kort- en langlopende verplichtingen toenemen. De vennootschap verwacht dat deze balansverlenging ca. 120 miljoen euro zal bedragen. Voorts zal er in het kasstroomoverzicht een verschuiving plaatsvinden van operationele kasstromen naar financieringskasstromen van ca. 15 mln. Tot slot stelt de vennootschap aanvullende toelichtingen op inzake de leaseverplichtingen bij de afschrijvingslasten en de financieringslasten.

Vanaf boekjaar 2018 zijn de overige nieuwe standaarden effectief die zijn bekrachtigd binnen de Europese Unie:

  • Amendments to IFRS 2: Classification and Measurement of Share-based Payment Transactions (issued on 20 June 2016)
  • Amendments to IFRS 4: Applying IFRS 9 Financial Instruments with IFRS 4 Insurance Contracts (issued on 12 September 2016)
  • Annual Improvements to IFRS Standards 2014-2016 Cycle
  • IFRIC Interpretation 22 Foreign Currency Transactions and Advance Consideration (issued on 8 December 2016) Amendments to IAS 40: Transfers of Investment Property (issued on 8 December 2016)

Deze standaarden hebben geen materiële invloed op het eigen vermogen en het resultaat van de vennootschap en brengen geen additionele toelichtingen met zich mee.

Vanaf boekjaar 2019 worden de volgende nieuwe standaarden effectief die zijn bekrachtigd binnen de Europese Unie:

  • Amendments to IFRS 9: Prepayment features with negative Compensation (issued on 12 October 2017) is effectief van boekjaar 2019 en bekrachtigd door de EU
  • IFRIC 23 Uncertainty over Income Tax Treatments (issued on 7 June 2017)

Vanaf boekjaar 2019 worden de volgende nieuwe standaarden effectief die nog niet zijn bekrachtigd binnen de Europese Unie:

  • Amendments to IAS 28: Long term interests in Associates and Joint Ventures (issued on 12 October 2017)
  • Amendments to IAS 19: Plan Amendment, Curtailment or Settlement (issued on 7 February 2018)
  • Annual Improvements to IFRS Standards 2015-2017 Cycle (issued on 12 December 2017)

Deze standaarden hebben naar verwachting geen materiële invloed op het eigen vermogen en het resultaat van de vennootschap en brengen geen additionele toelichtingen met zich mee.

Oordelen en schattingen door het management
Het management maakt bij het opstellen van de jaarrekening schattingen en beoordelingen, die de gerapporteerde bedragen voor activa en passiva op balansdatum en het resultaat over het boekjaar beïnvloeden.

Oordelen en schattingen zijn met name van belang bij de waardering van vaste activa, voorziening voor opruimingskosten en saneringen, uitgestelde belastingen, pensioenen en overige kapitaalbelangen, met name het 9% belang van de Vennootschap in Nordstream A.G. In het kader van IFRS 15 spelen oordelen en schattingen een rol bij de waardering van contractverplichtingen bij het bepalen van de resterende looptijd en de diensten die de onderneming nog dient te leveren voor het voldoen van de prestatieverplichtingen.

Ook spelen oordelen een belangrijke rol bij de classificatie van kapitaalsbelangen in het kader van IFRS 10 Consolidated Financial Statements en IFRS 11 Joint Arrangements zoals nader toegelicht onder noten 3, 4 en 5 van de geconsolideerde jaarrekening.

Vaste activa
Vaste activa betreffen onder andere het gastransportnetwerk.

Materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen kostprijs verminderd met lineaire afschrijvingen, gebaseerd op de verwachte economische levensduur rekening houdend met de restwaarde, en bijzondere waardeverminderingen. Hiertoe zijn aannames gedaan over de levensduur, restwaarde en toekomstige kasstromen van voornamelijk de transportleidingen.

Een belangrijk deel van de bedrijfsactiviteiten valt onder reguleringsregimes. De toekomstige kasstromen en de daarmee samenhangende realiseerbare waarde van de gereguleerde activa worden mede bepaald door oordelen en schattingen ten aanzien van de kasstromen die binnen het relevante reguleringskader kunnen worden verdiend. Voor aanvullende informatie verwijzen wij naar punt 1 van de nadere toelichting op de geconsolideerde balans.

Voorziening voor opruimingskosten en saneringen
Een voorziening voor opruimingskosten en saneringen is gevormd naar aanleiding van besluiten van het management om binnen afzienbare tijd specifieke activa buitengebruik te stellen, te verwijderen of te saneren, bijvoorbeeld naar aanleiding van nieuwe wetgeving. De omvang van de voorziening wordt bepaald aan de hand van ervaringscijfers van gereed gekomen projecten. Voor aanvullende informatie verwijzen wij naar punt 17 van de nadere toelichting op de geconsolideerde balans.

Een voorziening voor algemene opruimingskosten op langere termijn wordt niet opgenomen omdat het thans niet aannemelijk wordt geacht dat het opruimen van transportleidingen en toebehoren aan de orde zal komen. Verwacht wordt dat de opbrengsten van een alternatieve aanwending (op termijn) verminderd met de kosten van conservering zullen opwegen tegen de (maatschappelijke) kosten van het opruimen.

Reorganisatievoorziening
Gasunie bevindt zich in een veranderende omgeving als gevolg van de energietransitie. Het management verwacht dat de transitie gepaard zal gaan met een significante reductie in inkomsten en arbeidsplaatsen Het management heeft daarom een programma opgestart dat moet leiden tot een lager kostenniveau en een flexibele organisatie die robuust is voor de toekomst. Het programma omvat onder andere een vrijwillige vertrekregeling en de afkoop van aan een aantal regelingen voor secundaire arbeidsvoorwaarden.  Uiteindelijk zullen 240 medewerkers onder de vrijwillige vertrekregeling uitstromen in 2019. Het management heeft vastgesteld dat de vertrekregeling voldoet aan de criteria van IAS 37. Daarom is de regeling  op basis van plannen zoals aanwezig op 1 oktober 2018 bij inceptie geclassificeerd als een reorganisatievoorziening. De voorziening betreft de kosten voor de afkoop van de arbeidscontracten en de kosten die samenhangen met de uitstroom van de medewerkers. De voorziening heeft een kortlopend karakter. 

Uitgestelde belastingvorderingen
Voor alle verrekenbare tijdelijke verschillen en voor beschikbare voorwaartse verliescompensatie wordt een uitgestelde belastingvordering opgenomen voor zover het waarschijnlijk is dat er fiscale winst beschikbaar zal zijn voor verrekening. Hiertoe zijn aannames gedaan over de toekomstige fiscale winsten.

Pensioenen
De kosten van de toegezegd-pensioenregelingen en de waardering van de toegezegd-pensioenverplichtingen worden bepaald met behulp van actuariële berekeningen. Hiertoe zijn belangrijke aannames gedaan over de marktrente op bedrijfsobligaties van hoge kwaliteit ter bepaling van de disconteringsvoet, de verwachte toekomstige salarisverhogingen, de verwachte toekomstige pensioenverhogingen en de gemiddelde levensverwachting. Voor aanvullende informatie verwijzen wij naar punt 17 van de nadere toelichting op de geconsolideerde balans.

Overige kapitaalbelangen
Het belang in Nord Stream AG wordt gewaardeerd tegen reële waarde rekening houdend met een disconteringsvoet na belastingen op de verwachte kasstromen. De verwachte kasstromen zijn gebaseerd op contractueel gemaakte afspraken. Bij het bepalen van de disconteringsvoet na belastingen zijn de aannames door het management belangrijk. Voor aanvullende informatie verwijzen wij naar punt 6 van de nadere toelichting op de geconsolideerde balans.

Grondslagen voor consolidatie

In de geconsolideerde jaarrekening zijn de financiële gegevens van N.V. Nederlandse Gasunie en haar groepsmaatschappijen opgenomen. Groepsmaatschappijen zijn rechtspersonen en vennootschappen waarin beslissende zeggenschap (‘control’) wordt uitgeoefend.

Van ‘control’ is sprake indien de Groep:

  • macht (‘power’) heeft over de relevante activiteiten van de betreffende rechtspersoon/vennootschap; en
  • is blootgesteld aan of gerechtigd is tot variabele opbrengsten uit hoofde van de betrokkenheid bij de rechtspersoon/vennootschap; en
  • over de mogelijkheid beschikt zijn macht over de rechtspersoon /vennootschap te gebruiken om de omvang van de opbrengsten van de investeerder te beïnvloeden.

In het algemeen wordt control verondersteld indien de Groep meer dan 50% van de stemgerechtigde aandelen bezit, maar dit wordt naar de feitelijke omstandigheden per individueel kapitaalbelang beoordeeld.

Bij gewijzigde omstandigheden beoordeelt de Groep opnieuw of wel of geen sprake is van control.

De groepsmaatschappijen worden integraal geconsolideerd vanaf de datum waarop beslissende zeggenschap op de groepsmaatschappij is verkregen. De groepsmaatschappijen worden niet meer in de consolidatie opgenomen vanaf de datum waarop geen sprake meer is van beslissende zeggenschap. De posten in de geconsolideerde jaarrekening worden volgens uniforme grondslagen van waardering en resultaatbepaling vastgesteld.

Financiële relaties en niet-gerealiseerde resultaten tussen groepsmaatschappijen worden geëlimineerd.

De in de consolidatie begrepen groepsmaatschappijen zijn:

Entiteit Zetel Aandeel op 31 dec. 2018 Aandeel op 31 dec. 2017
Groepsmaatschappijen      
EnergyStock B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Holding B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Services 1 B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Services 2 B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Services 3 B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Services 4 B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie BBL B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Engineering B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie New Energy B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Waterstof Services B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie LNG Holding B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Ambigo B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Transport Services B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Grid Services B.V. Groningen - 100%
Vertogas B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Energy Information Services B.V Groningen 100% -
Gasunie Deutschland GmbH & Co. KG Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Services GmbH Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Technical Services GmbH Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Transport Services GmbH Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Transport Services Holding GmbH Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Verwaltungs GmbH Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Infrastruktur AG Zug, Zwitserland 100% 100%
       
Joint operations      
BBL Company V.O.F. Groningen 60,0% 60,0%
Arbeitsgemeinschaft GOAL/Fluxys NEL-Projektphase Hannover, Duitsland 51,3% 51,3%
EUGAL Kessel, Duitsland 16,5% 16,5%
Ambigo VOF Groningen 46,7% 46,7%
       
Joint ventures      
Biogas Netwerk Twente B.V. Almelo 50,0% 50,0%
Gate terminal C.V. Rotterdam 50,0% 50,0%
Gate terminal Management B.V. Rotterdam 50,0% 50,0%
DEUDAN - Deutsch/Dänische Erdgastransport-GmbH Handewitt, Duitsland 75,0% 75,0%
DEUDAN - Deutsch/Dänische Erdgastransport-GmbH & Co. KG Handewitt, Duitsland 33,4% 33,4%
NETRA GmbH Norddeutsche Erdgas Transversale Emstek/Schneiderkrug, Duitsland 50,0% 50,0%
NETRA GmbH Norddeutsche Erdgas Transversale & Co. KG Emstek/Schneiderkrug, Duitsland 44,1% 44,1%
Jordgas Transport GmbH Hannover, Duitsland 50,0% 50,0%
SKW B.V. Alkmaar 50,0% 50,0%
German LNG GmbH Hamburg, Duitsland 33,3% 33,3%
       
Geassocieerde deelnemingen      
GASPOOL Balancing Services GmbH Berlijn, Duitsland 16,7% 16,7%
       
Overige kapitaalsbelangen      
Energie Data Services Nederland (EDSN) B.V. Arnhem 12,5% 12,5%
PRISMA European Capacity Platform GmbH Leipzig, Duitsland 12,7% 12,7%
Nord Stream AG Zug, Zwitserland 9,0% 9,0%

Gasunie Transport Services B.V. is de netbeheerder van het landelijk gastransportnet in de zin van de Gaswet. De minister heeft regels gesteld ten aanzien van goed financieel beheer door een netbeheerder in het ‘Besluit Financieel Beheer Netbeheerder’. Deze regels bestaan uit een aantal financiële ratio’s waaronder een eigenvermogensminimum. Dit kan leiden tot restricties ten aanzien van de uitkeerbaarheid van onder andere dividend.

Op 2 januari 2018 is Gasunie Transport Services B.V. gefuseerd met Gasunie Grid Services B.V. (GGS B.V.) in de zin van Boek 2 Titel 7 van het Burgerlijk Wetboek. Hierbij heeft Gasunie Transport Services B.V. op 1 januari 2018 de stemrechtloze aandelen verkregen van N.V. Nederlandse Gasunie. Op 2 januari 2018 is vervolgens het gehele vermogen tegen boekwaarde van Gasunie Grid Services B.V. onder algemene titel verkregen en is Gasunie Grid Services B.V. van rechtswege opgehouden te bestaan. De fusie heeft geen invloed op het geconsolideerde vermogen en resultaat.

Gasunie Energy Information Services B.V. is in april 2018 opgericht en heeft als doel het stimuleren, ontwikkelen en exploiteren van activiteiten op het gebied van energie-informatievoorziening ten behoeve van de energietransitie.

Ambigo VOF is eind 2017 opgericht en  beoogt de levensvatbaarheid aan te tonen van het opwekken van energie middels vergassing van afval. N.V. Nederlandse Gasunie en haar groepsmaatschappijen hebben geen beslissende zeggenschap. In Nederland wordt een V.O.F. structuur gezien als een transparante structuur waarbij de partners een belang in de activa en verplichting van de V.O.F hebben. De juridische en economische realiteit van Ambigo V.O.F. is vergelijkbaar met een joint operation, en derhalve komt de verwerkingswijze van dit belang overeen met de verwerkingswijze van een joint operation.